← Terug naar blog

Websiteconcept beoordelen: zo check je je nieuwe site

27 oktober 2026
Websiteconcept beoordelen: zo check je je nieuwe site

Je webbouwer laat je een concept zien en vraagt: "Wat vind je ervan?" Dan wil je meer zeggen dan "mooi" of "niet mooi". Een websiteconcept beoordelen doe je in een vaste volgorde. Eerst kijk je of de site past bij je doel en je klanten. Daarna komen inhoud en navigatie, dan de vormgeving, en als laatste de techniek: mobiel, snelheid, veiligheid, toegankelijkheid en vindbaarheid. In dit artikel loop je die punten één voor één langs, met een checklist die je naast het concept kunt leggen.

Sneleenwebsitenodig
Beoordeel je website op een werkende testversie
Durfmakers bouwt je website eerst af op een testadres, zodat je hem kunt beoordelen voordat je beslist of je hem wilt houden.
Bekijk hoe het werkt

Kort samengevat

  • Beoordeel een concept eerst op doel en doelgroep, en pas daarna op kleuren en lettertypes.
  • Een werkende testversie zegt veel meer dan een plaatje. Klik, scrol en open hem op je telefoon.
  • Laat twee of drie echte klanten een concrete taak uitvoeren op het concept. Hun twijfels zijn je beste feedback.
  • Techniek kun je ook als leek controleren: snelheid, https, cookiemelding, contrast en mobiel gebruik.
  • Vraag altijd wat je na akkoord precies krijgt: eigendom, broncode, hosting en eventuele vaste kosten.

Inhoudsopgave

Wat bedoelen we met een websiteconcept?

Het woord "concept" wordt voor drie verschillende dingen gebruikt. Het helpt om te weten welke je voor je hebt, want je beoordeelt ze anders.

  1. Een schets of wireframe. Een grijze indeling met blokken. Je ziet waar dingen komen te staan, maar nog niet hoe het eruitziet. Hier beoordeel je vooral structuur.
  2. Een ontwerp of mock-up. Een plaatje van de homepage, soms van een of twee andere pagina's. Je ziet kleuren en sfeer, maar je kunt niet klikken.
  3. Een werkende testversie. De site staat al online, op een testadres. Je kunt klikken, formulieren invullen en hem op je telefoon openen.

Bij een schets en een plaatje moet je veel invullen met je fantasie. Hoe voelt het menu op een klein scherm? Hoe lang laadt die grote foto? Klopt de tekst als hij er echt staat? Dat weet je pas bij een werkende versie. De Britse overheidsrichtlijn Usability Issues in Web Site Design raadt daarom aan om eerst een gedeeltelijke mock-up met gebruikers te testen en daarna een werkende versie, en ontwerp en evaluatie te herhalen. Hoe verder het concept is, hoe beter je kunt oordelen.

Stap 1: past het concept bij je doel en je klanten?

Dit is de belangrijkste vraag, en de vraag die het vaakst wordt overgeslagen. Een site kan er prachtig uitzien en toch niets doen voor je bedrijf.

KVK schrijft dat een zakelijke website begint met een helder doel, een duidelijke doelgroep en de vraag wat bezoekers op je site moeten kunnen doen. Persona's, korte beschrijvingen van je typische klanten, helpen om te bepalen welke informatie erop moet en wat je beter weglaat.

Leg het concept naast deze vragen:

  • Wat moet een bezoeker doen? Bellen, een offerte aanvragen, een afspraak plannen, langskomen? Zie je die actie binnen een paar seconden op de eerste pagina?
  • Voor wie is het? Een loodgieter in Enschede spreekt andere mensen aan dan een financieel adviseur voor mkb-bedrijven. Herkent jouw klant zichzelf in de foto's, de woorden en de toon?
  • Wat wil je klant weten voor hij contact opneemt? Denk aan werkgebied, prijsindicatie, werkwijze, levertijd of openingstijden. Staat dat erin, of moet hij zoeken?
  • Wat staat er te veel? Elk blok dat niets bijdraagt aan het doel, maakt het lastiger om het belangrijke te vinden.

Een handige oefening: schrijf vooraf in één zin op wat je site moet opleveren. Bijvoorbeeld: "Huiseigenaren in Twente vragen een offerte aan voor een dakkapel." Kijk dan bij elke pagina of die zin klopt.

Stap 2: de teksten, het hart van je site

Bezoekers lezen niet, ze scannen. De Britse richtlijn noemt koppen, korte secties en opsommingen als de manier om tekst scanbaar te maken. Lees de teksten in het concept daarom twee keer: één keer vluchtig, alsof je een haastige klant bent, en één keer zorgvuldig.

Let bij het vluchtig lezen op:

  • Snap je binnen vijf seconden wat je doet, voor wie en waar?
  • Vertellen de koppen samen al het verhaal?
  • Staat er een duidelijke volgende stap onder elk belangrijk blok?

Let bij het zorgvuldig lezen op:

  • Klopt het? Diensten, prijzen, werkgebied, certificaten. Een webbouwer schrijft op basis van wat jij vertelt. Fouten haal jij eruit.
  • Klinkt het als jij? Als je normaal "je" zegt tegen klanten, past "u" niet. En andersom.
  • Is het origineel? KVK noemt originele teksten als voorwaarde voor vindbaarheid. Teksten die bijna letterlijk op andere sites staan, helpen je niet.
  • Gebruikt het de woorden van je klant? Jij zegt misschien "dakrenovatie", je klant zoekt op "dak laten vervangen". De richtlijn raadt aan gebruikers te vragen naar hun eigen termen.

Wil je dit grondiger doen, gebruik dan onze checklist voor websiteteksten. Daarmee loop je elke pagina in een halfuur na.

Stap 3: navigatie en structuur

Een goede structuur merk je niet. Een slechte wel: je klikt drie keer en weet niet meer waar je bent.

Controleer in het concept:

  • Het menu. Hoeveel items staan erin? Zijn de namen duidelijk? "Diensten" en "Contact" zijn helder, "Onze wereld" niet.
  • De weg naar contact. Tel de klikken van elke pagina naar je contactgegevens of formulier. Het liefst is dat er één.
  • De logica. Staan dingen waar je ze verwacht? Prijzen bij de dienst, niet verstopt onder "Over ons".
  • Het logo. Brengt een klik erop je terug naar de homepage?
  • De voettekst. Staan daar adres, telefoonnummer, KVK-nummer en een link naar je privacyverklaring?

Twijfel je over de indeling? De Britse richtlijn noemt card sorting: je schrijft alle onderwerpen op losse kaartjes en laat een paar klanten ze in groepjes leggen. Zo zie je hoe zij de informatie ordenen, en dat is vaak anders dan jij denkt.

Stap 4: de vormgeving

Nu pas de kleuren, lettertypes en foto's. Smaak telt, maar stel jezelf vooral deze vragen:

  • Past het bij je huisstijl? Logo, kleuren en lettertype moeten overeenkomen met je visitekaartje, bus of offertes.
  • Zijn de foto's echt? Foto's van jezelf, je team en je werk wekken meer vertrouwen dan stockfoto's van lachende mensen in een kantoor.
  • Is de tekst goed leesbaar? Lichtgrijze tekst op een witte achtergrond ziet er strak uit, maar leest slecht. Zeker buiten op een telefoon.
  • Valt de belangrijkste knop op? Je knop voor contact of offerte moet zich onderscheiden van de rest.
  • Is het rustig? Veel bewegende onderdelen, pop-ups en schuivende banners leiden af van je boodschap.

Twijfel je tussen "mooi" en "duidelijk", kies dan voor duidelijk. Een bezoeker komt niet voor je kleurenpalet.

Stap 5: mobiel gebruik

Een groot deel van je bezoekers ziet je site op een telefoon. Beoordeel het concept dus niet alleen op je laptop.

KVK beschrijft een responsive site als een site waarvan de indeling zich aanpast aan desktop, tablet en smartphone, zonder dat je horizontaal hoeft te scrollen of in te zoomen. Test dat zelf:

  1. Open het testadres op je eigen telefoon, niet alleen in een verkleind browservenster.
  2. Probeer het menu te openen en te sluiten.
  3. Tik op het telefoonnummer. Belt je telefoon het nummer direct?
  4. Vul het contactformulier in en verstuur het. Komt het bericht aan?
  5. Draai je telefoon. Blijft alles netjes staan?
  6. Vraag iemand met een ander merk telefoon hetzelfde te doen.

Stap 6: snelheid

Een trage site kost bezoekers. Google meet de ervaring van een pagina onder meer met drie Core Web Vitals. Google adviseert:

MetingWat het betekent in gewone taalGoede waarde
LCP (Largest Contentful Paint)Hoe snel het grootste onderdeel, vaak een foto of kop, zichtbaar isbinnen 2,5 seconden
INP (Interaction to Next Paint)Hoe snel de pagina reageert als je klikt of tiktonder 200 milliseconden
CLS (Cumulative Layout Shift)Hoeveel de pagina verspringt tijdens het ladenonder 0,1

Deze waarden staan in de uitleg van Google over Core Web Vitals. Je kunt een testadres meten met de gratis testtools van Google. Ook zonder tool merk je veel: verspringt de tekst als een foto laadt? Moet je wachten voor een knop reageert?

Vraag je webbouwer wat hij doet aan zware foto's, lettertypes en scripts. In ons artikel over website snelheid verbeteren lees je welke acties het meeste verschil maken.

Stap 7: veiligheid en cookies

Veiligheid zie je niet aan het ontwerp, maar je kunt er wel naar vragen. KVK noemt drie basispunten: TLS-versleuteling, altijd de nieuwste softwareversie, en updates zo snel mogelijk uitvoeren om datalekken te voorkomen.

Wat je zelf controleert:

  • Https. Begint het adres met https en staat er een slotje in de adresbalk? Lees meer over het SSL-certificaat voor je website.
  • Updates. Vraag wie de software bijwerkt na oplevering, en wat dat kost.
  • Formulieren. Waar komen ingevulde gegevens terecht, en wie kan erbij?

Dan de cookies. Volgens de Autoriteit Persoonsgegevens mag je alleen functionele cookies en beperkte analytische cookies plaatsen zonder toestemming. Voor andere cookies moet je toestemming vragen, en weigeren moet net zo makkelijk zijn als accepteren. Trackingcookies vragen vooraf toestemming. Kijk dus naar de cookiemelding in het concept: staat er een knop "Weigeren" die even duidelijk is als "Accepteren"? Gebruikt de site helemaal geen trackingcookies, dan heb je vaak ook geen ingewikkelde melding nodig. Twijfel je wat voor jouw site geldt, vraag het dan na bij je webbouwer of bij een privacyjurist voordat de site live gaat. Meer praktische punten vind je in websiteveiligheid voor ondernemers.

Stap 8: toegankelijkheid

Een toegankelijke site werkt ook voor mensen die slecht zien, geen muis gebruiken of een schermlezer hebben. Dat is goed voor iedereen, en voor een deel van de bedrijven is het verplicht.

Website met duidelijke contrasten, toetsenbordbediening en schermlezer

Sinds 28 juni 2025 gelden in Nederland toegankelijkheidsregels onder de European Accessibility Act voor websites en apps waarmee consumenten producten of diensten kunnen zoeken, kiezen, kopen, reserveren of een overeenkomst kunnen sluiten. ACM noemt vier basisprincipes: waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust, en verwijst naar WCAG niveau AA. De plicht geldt onder meer voor bedrijven met 10 of meer werknemers en/of meer dan 2 miljoen euro jaaromzet. Ook belangrijk: je blijft zelf verantwoordelijk, ook als een extern bedrijf je site bouwt. Voor overheidsinstanties gelden aparte regels: zij volgen WCAG 2.1 niveau A en AA en publiceren een toegankelijkheidsverklaring, schrijft Digitoegankelijk.

Snelle checks die je zelf doet op het concept:

  • Gebruik alleen de Tab-toets. Kun je alle links en knoppen bereiken, en zie je waar je bent?
  • Zoom in tot 200 procent. Blijft alles leesbaar?
  • Heeft elk formulierveld een zichtbaar label, niet alleen grijze tekst die verdwijnt als je typt?
  • Is er genoeg contrast tussen tekst en achtergrond?

Weet je niet of de wet voor jou geldt? Lees wat de wet vraagt over toegankelijkheid, en twijfel je daarna nog, vraag het na bij ACM.

Stap 9: vindbaarheid in Google en AI-assistenten

Een concept kan technisch klaar zijn voor Google, of juist niet. Een paar dingen kun je zelf nagaan of navragen:

  • Heeft elke pagina een eigen, duidelijke titel en beschrijving?
  • Staat de belangrijkste dienst en je plaats of regio in de teksten en koppen?
  • Heeft elke foto een korte beschrijving (alt-tekst)?
  • Krijg je na livegang toegang tot Google Search Console? Die tool helpt je volgens Google Search Central begrijpen hoe je site presteert in Google.
  • Wordt het testadres afgeschermd voor zoekmachines, en wordt die afscherming bij livegang weggehaald?

Houd je verwachtingen realistisch. Google zegt zelf dat goede Core Web Vitals geen topnotering garanderen: pagina-ervaring bestaat uit meerdere signalen. Een technisch goede basis is een voorwaarde, geen belofte. KVK raadt aan je site te zien als een huis waar je aan blijft werken, en te verbeteren op basis van data. In technische SEO basis lees je de vijf checks die je site vindbaar maken.

De checklist op één pagina

Leg deze tabel naast het concept en geef elk punt een voldoende of onvoldoende.

OnderdeelVraag die je steltHoe je het controleert
DoelZiet een bezoeker binnen seconden wat hij moet doen?Eerste scherm bekijken zonder te scrollen
DoelgroepHerkent je klant zichzelf?Laat een klant meekijken
TekstenKloppen feiten, toon en woorden?Alles hardop voorlezen
NavigatieBen je in één klik bij contact?Klikken tellen vanaf elke pagina
VormgevingPast het bij je huisstijl en is het leesbaar?Naast je drukwerk leggen, buiten op je telefoon lezen
MobielWerken menu, bellen en formulier?Testen op twee verschillende telefoons
SnelheidLaadt het snel en verspringt niets?Testtool van Google en je eigen indruk
VeiligheidHttps en een plan voor updates?Adresbalk bekijken, vragen wie updates doet
CookiesIs weigeren even makkelijk als accepteren?Cookiemelding bekijken
ToegankelijkheidWerkt alles met alleen het toetsenbord?Tab-toets en inzoomen
VindbaarheidEigen titels, alt-teksten en Search Console?Vragen aan je webbouwer
AfsprakenWat krijg je na akkoord, en wat kost het later?Offerte en voorwaarden lezen

Test het concept bij echte klanten

Jij kent je bedrijf te goed om je eigen site objectief te beoordelen. Je weet al waar alles staat. Een klant niet. De Britse richtlijn zegt het simpel: een site haalt pas de doelen van een organisatie als hij voldoet aan de behoeften van de gebruikers. Dus test je met gebruikers.

Zo doe je dat in een uurtje:

  1. Kies twee of drie mensen die op je klanten lijken. Niet je partner of je beste vriend, die zijn te aardig.
  2. Geef een concrete taak. "Je hebt een lekkage. Zoek uit of dit bedrijf in jouw plaats werkt en vraag een afspraak aan."
  3. Kijk mee en zwijg. Help niet. Noteer waar iemand twijfelt, terugklikt of zoekt.
  4. Vraag achteraf door. Wat viel op? Wat miste je? Welk woord snapte je niet?
  5. Bundel de punten en geef ze in één keer aan je webbouwer, met de belangrijkste bovenaan.

Drie mensen die op hetzelfde punt vastlopen, vertellen je meer dan een uur nadenken over de kleur van een knop.

Hoe wij naar een concept kijken

Wij hebben gemerkt dat het lastigste moment voor een ondernemer niet het beoordelen zelf is. Het is beoordelen terwijl je al betaald hebt. Dan wil je dat het goed is. Je kijkt milder, je zegt sneller "prima", en kritische punten voelen als gedoe.

Daarom draaien wij het om. We bouwen je site eerst helemaal af en zetten hem op een testadres. Geen schets, geen plaatje, maar een werkende site met ontwerp en teksten op maat, die je op je laptop en je telefoon kunt openen. Pas als je hem wilt houden, betaal je. Wil je hem niet, dan betaal je niets.

Dat verandert hoe je naar een concept kijkt. Je kunt met deze checklist in de hand alles nalopen, het testadres naar een paar klanten sturen en eerlijk beslissen. Je beoordeelt dan wat je echt krijgt, niet een belofte.

Ons advies, ook als je ergens anders laat bouwen: vraag om een werkende testversie voordat je de grootste rekening betaalt. En vraag vooraf wat je na betaling bezit. Bij ons zijn broncode en ontwerp na betaling van jou, zonder abonnement.

— Patrick

Eerst zien, dan beslissen

Wil je een concept beoordelen zonder dat er al geld op tafel ligt? Bij Sneleenwebsitenodig zie je je site eerst volledig af op een testadres. De prijzen zijn eenmalig en vooraf bekend:

  • Start: een onepager voor € 350 eenmalig.
  • Compleet: een site met meerdere pagina's voor € 500 eenmalig.

Geen abonnement. Ontwerp en teksten op maat, technisch vindbaar vanaf dag één in Google en AI-assistenten zoals ChatGPT. Hosting kan bij ons of elders. Laat je website eerst zien en beslis daarna.

Vergelijk je meerdere aanbieders? Lees dan ook hoe je een offerte voor webdesign beoordeelt.

Veelgestelde vragen

Kan ChatGPT een website maken?

ChatGPT kan teksten en stukjes code schrijven, en daar kun je een eenvoudige pagina mee in elkaar zetten. Je blijft wel zelf verantwoordelijk voor alles wat in deze checklist staat: kloppen de feiten, past de toon, werkt het op mobiel, is het veilig en toegankelijk? Ook hosting, domeinnaam, updates en cookies moet je zelf regelen. Lees wat je technisch moet regelen bij AI-content op je website.

Kun je SEO zelf doen?

De basis wel. Zorg voor originele teksten met de woorden die je klanten gebruiken, een duidelijke titel per pagina en toegang tot Google Search Console. Blijf daarna verbeteren op basis van wat je in de cijfers ziet. Een technisch goede site maakt dat werk een stuk makkelijker.

Hoeveel tijd kost het om een websiteconcept te beoordelen?

Voor een onepager is een uur of twee vaak genoeg: een uur zelf de checklist doorlopen en een uur met twee of drie klanten testen. Een site met meerdere pagina's vraagt meer tijd, vooral voor de teksten. Plan het beoordelen in één of twee rustige blokken, niet tussen klussen door.

Wat doe je als het concept niet bevalt?

Maak je punten concreet: niet "het voelt niet goed", maar "ik zie mijn telefoonnummer niet op het eerste scherm". Bundel alles en bespreek het in één keer. Lost het je bezwaren niet op, dan helpt het als je afspraak met je webbouwer zo is ingericht dat je niet vastzit aan een site die je niet wilt.

Bronnen

Aanbevelingen